De onderwijzer ASV (algemene sociale vorming) staat centraal bij de begeleiding van het kind. Hij/zij heeft de verantwoordelijkheid over het aanbrengen van taal, rekenen, W.O., muzische opvoeding, sociale vorming,… in de klas.

Deze leerkrachten kunnen een beroep doen op een heel team van gespecialiseerde mensen voor zowel individuele ondersteuning van leerlingen als klassikale ondersteuning.

  • De logopediste: onderzoek, observatie en behandeling in geval van specifieke spraak- en taalmoeilijkheden
  • De kinesiste: onderzoek, observatie en behandeling in geval van motorische en psychomotorische moeilijkheden
  • De ergotherapeute: onderzoek, observatie en behandeling van fijn motorische en ruimtelijk visuele moeilijkheden
  • De kinderverzorgster : begeleiding en verzorging van type 2 – leerlingen, begeleiding van alle leerlingen tijdens medische onderzoeken, preventie en opvolging ‘luizen op school’
  • De sociaal assistente : opvang en begeleiding van ouders van de nieuwe leerlingen, contacten onderhouden tussen school en ouders, training van sociale vaardigheden
  • De psychologe: psychologisch onderzoek, klassikale en/of kortstondige individuele ondersteuning voor sociaal- emotionele vorming
  • De orthopedagoge: onderzoek, observatie,… van de leerlingen in de klas en ondersteuning van klasleerkrachten bij het opstellen van handelingsplanning
  • De B.L.I.O.: bijzondere leermeester individueel onderwijs die de kinderen individueel of in kleine groepjes extra begeleidt bij hun schools leren
  • De B.L.O.A.: bijzondere leerkracht opvoedkundige activiteiten
  • De GON-leerkracht: leerkracht die wordt ingeschakeld ter ondersteuning van leerlingen ( T3, T7, T8 ) in het gewoon onderwijs
  • De C.L.B.-medewerker: onderzoek en observatie van het kind en advies tot nader onderzoek
  • De directie: motor, coördinator schoolgebeuren, vertrouwenspersoon collega’s, ouders, kinderen, …
  • De klasvrije leerkrachten nemen 6 lesuren per week de klas over : zwemmen, turnen, knutselen, houtbewerking, expressie, …